Blog

02 aug / Vrouwen zijn de Revolutie!

Dit artikel verscheen ook in NRC Next.

‘Monique, ik wil graag dat je een aantal Nederlandse artikelen voor me vertaalt. Ik heb het gevoel dat de boodschap misleidend is.’
Het verzoek komt van Hibaaq Osman, een pittige, charismatische feministe die oorspronkelijk uit Somalië komt en via een lange omweg van studie en carrière in de Verenigde Staten nu haar eigen vrouwenorganisatie in Egypte leidt. Deze organisatie, Karama, staat voor waardigheid en brengt internationale, nationale en lokale partners en organisaties samen om het geweld tegen vrouwen in het Midden-Oosten te eindigen. Met geweld wordt echter niet zozeer fysiek geweld bedoeld (dat is slechts het topje van de ijsberg volgens HIbaaq). Geweld is alles dat vrouwen tegenhoudt om volledig en gelijkwaardig in de maatschappij te functioneren.
Karama brengt een enorm netwerk samen van vrouwen die zich op lokaal niveau inzetten voor een betere samenleving. Hierbij gaat het niet alleen om meer vrijheid voor vrouwen, het gaat ook om hele basale zaken zoals voedsel, zorg en onderwijs. ‘De meeste Egyptische vrouwen zij zo arm dat ze helemaal niet aan hun rechten kunnen denken. Hun vraag is: “Hoe kom ik vandaag aan voedsel voor m’n kinderen?” Toch heeft Karama geen kleine ambities. ‘Wij zijn een politieke organisatie, wij willen vrouwen in de politiek. Wij staan altijd aan de andere kant van de deur, smekend en bedelend of ze voor ons open willen doen. Maar door de revolutie zit de deur los in z’n scharnieren, nu is het moment om hem open te gooien! We moeten de besluitvormers niet smeken om aan ons te denken, we moeten zelf op de stoel van de besluitvormers komen te zitten.’
Met Hibaaq nog aan de telefoon duik ik achter de laptop en kijk naar de artikelen uit de Volkskrant. ‘Vaak waren vrouwen de mediagenieke symbolen van de revolutie. Gesluierd en traditioneel, als om te tonen dat ook vrome Arabische burgers kunnen verlangen naar democratie. Of ongesluierd en modern, als om te laten zien dat de Arabische volksmassa’s niet louter bestaan uit boze mannen met baarden,’ lees ik hardop voor.
‘Wat is dit!’ roept Hibaaq geërgerd.
‘Het kan nog erger,’ zeg ik terwijl ik naar de tekst onder een foto van vrouwelijke demonstranten op Tahrir kijk. ‘Jonge Egyptische vrouwen volgen het feest na de geslaagde opstand op het Tahrirplein op 12 februari dit jaar.’
Hibaaq zucht luid en klakt met haar tong. Ik ben razend. Want hoe ingewikkeld de positie van Arabische vrouwen ook mag zijn, misschien is de grootste discriminatoir nog wel de blanke westerling. De suggestie dat vrouwen met of zonder sluier op strategische posities zijn geplaatst als om het Westen een mooi mediageniek-plaatje voor te schotelen is verwerpelijk. Achter de massale aanwezigheid van vrouwen tijdens de demonstraties op Tahrir zat geen strategie of slimme tactiek. Die duizenden vrouwen en meisjes waren daar vrijwillig om te strijden voor verandering. Het was vervolgens de Westerse media die vol verbazing naar de vrouwen keek en besloot mooie plaatjes te klikken en de al niet gehoofddoekte sexy meiden tot mediagenieke symbolen te verheffen.
Vrouwen volgden het feest niet vanaf een afstandje – ze vierden feest. En ze kwamen niet pas voorzichtig een kijkje nemen nadat de mannen het werk hadden gedaan, ze waren de spil van de revolutie. Het was uiteindelijk de massale aanwezigheid aan vrouwen die het voor het leger onmogelijk maakten om op de menigte te vuren. Het was uiteindelijk de massale aanwezigheid van meiden die de revolutie een volksrevolutie maakte.
‘Meer dan dat,’ briest Hibaaq. ‘Wij waren de revolutie! Wij organiseerden de revolutie! Wij zijn de revolutie! Monique het is tijd dat je een artikel schrijft, dat je die andere kant laat zien. Die journalisten zijn ramptoeristen, ze bevestigen slechts het beeld dat de media al jaren geleden gecreëerd heeft.’
De afgelopen weken ben ik de een na de andere inspirerende vrouw tegengekomen. Zoals Marian, een dertigjarige Koptische activiste en blogger die door de staatsveiligheidsdienst een Koptische politieke dissident wordt genoemd. Een aantal jaar geleden heeft ze een eigen organisatie opgericht om de dialoog tussen moslims en christenen te verbeteren en te vechten voor een seculiere samenleving waarbij religie secundair wordt aan nationaliteit. Tijdens de revolutie probeerde Marian’s moeder Marian op allerlei manieren thuis te houden. Ten einde raad schoof ze zelfs een fauteuil voor de deur, pakte een deken en bleef dag en nacht op die stoel zitten. Maar Marian gaf niet op, ze klom uit het raam en snelde ze zich via het balkon van de buren alsnog naar Tahrir. Of Esraa Abdel Fatah alias de Facebookgirl. In 2008 braken er stakingen uit in de Egyptische Deltstad Mahalla vanwege de scherpe stijging van de voedselprijzen. ‘Dit is geen probleem van Mahalla. Dit is een probleem van heel Egypte. Waarom steunen we deze mensen niet?’ vroeg Esraa zich af. En dus startte ze op negentwintigjarige leeftijd een Facebookpagina die ze vervolgens via populaire blogs, webfora, Yahoo!- en Google- communities verspreidde en aan tientallen organisaties, partijen en bekende Egyptenaren linkte. Esraa schreef geschiedenis. Ze werd de voorhoede van de 8-april beweging, de organisatie achter de nationale stakingen die volgden en een politieke beweging die vecht tegen corruptie en ongelijkheid. Ook was ze de eerste die Facebook als politiekactiemiddel inzette en het onbekende sociale medium tot populairste netwerk van Egypte maakte. Esraa was de eerste vrouw die onder de Egyptische noodwet viel en tot tweemaal toe werd gearresteerd (een keer in 2008 en een keer in 2009).
Ik vertel Esraa over de artikelen. Ze schudt met haar hoofd en kijkt me vermoeid aan. Maar dan lichten haar ogen op en begint ze energiek te vertellen. ‘Vrouwen speelden al ver voor de revolutie een enorme rol in het aanmoedigen tot stakingen en demonstraties. Ze waren de organisatoren achter de Kafiyya-opstand van 2004, waarin vrouwen massaal de straat optrokken om tegen het regime van Hosni Mubarak te demonstreren. En ze zaten achter de landelijke beweging tegen corruptie, onder de leiding van Butheina Kamel die overigens als eerste vrouwelijke presidentskandidaat mee zal doen aan de presidentsverkiezingen in 2012.’
Als jonge vrouw die verblijft tussen een gewone Egyptische familie in een arme volkswijk, weet ik als geen ander welke hindernissen je als vrouw dagelijks moet nemen. Je bent nooit vrij om te gaan of te staan waar je wilt. Als ik niet voor negen uur ’s avonds thuis ben, zwaait er wat. Ik kan niet zomaar met een onbekende man in dezelfde ruimte verblijven. In de metro vindt er steeds een hele stoelendans plaats om maar vooral geen contact tussen de seksen te maken. Even stilstaan op straat, of zomaar op een bankje zitten, is onmogelijk… Ik zou belaagd worden door jonge mannen. En kleding dragen die ik wil (het is in Cairo immers veertig graden) zit er al helemaal niet in. Ik zou nog uren door kunnen gaan. Maar juist daarom, juist om al deze kleine en grote dingen, is het zo uitzonderlijk dat vrouwen en meiden hun families, de grenzen van religie en cultuur en de sociale druk trotseren om politiek actief te zijn, naar Tahrir te gaan en nog steeds dagelijks in de tentjes op het plein te slapen.
Jonge meiden zetten hun angst opzij. Ze studeren, werken, daten en doen alles wat net niet mag. De mentaliteitsverandering is voelbaar, is haast proefbaar. ‘Over vijf jaar zijn hier veel minder sluiers en hoofddoeken,’ zegt een Nederlandse vriendin tegen mij. ‘Je voelt het.’
‘Ik zie het,’ antwoord ik terug. Denkend aan een groot warenhuis waar de ene na de andere meid de wc induikt om haar sluier af te doen, een strak shirtje aan te trekken en nog een extra laagje make-up aan te brengen.
‘Vind je dat de positie van vrouwen verbeterd is?’ vraag ik Esraa.
‘Politiek gezien niet. Er is sinds de revolutie niets veranderd. De legale positie van vrouwen is nog steeds dezelfde,’ antwoord ze teleurgesteld.
Ik denk aan mijn verblijf in Cairo de afgelopen zes weken. Ik ben nog nooit zo goed en respectvol veranderd. ‘En op straat?’ vraag ik dan.
‘Oh ja,’ zegt Esraa. ‘Enorm. Het is een verademing. De seksuele intimidatie is gigantisch afgenomen. Er is respect voor vrouwen. We tellen opeens weer mee. We nemen de ruimte, we eisen de ruimte op en we krijgen die ook. We zijn zichtbaar.’
Nu hopen dat de media in het Westen dat ook in gaat zien.

2 Comments
  • Roland

    Waar komt die hunkering voor herkenning/erkenning/duiding van de revolutie vanuit “het Westen’ laat staan Nederland, vandaan? Volkskrant/NRCnext lezers mijn hemel..leg ze uit dat ze vanuit “het Westen” niets dan ellende kunnen verwachten en dat ze moeten zorgen dat zij hun samenleving inrichten zoals zij dat willen.Niet het Westen niet iemand anders.Mensen in die wereld zijn zo murw geslagen dat ze zijn gaan geloven dat “het Westen” als een soort koloniale moeder even de zaakjes voor ze kan regelen.Laat ze in die wereld nu eindelijk eens hun onafhankelijkheid grijpen nu het in het verschiet ligt.

    Beantwoorden
  • magda

    wat ‘positief’ dat de intimidaties verbeterd zijn naar vrouwen toe!
    ook als toerist ervaar je dat- nou niet iedereen(zoals ik -tolereer dat)
    x

    Beantwoorden

Geef een reactie

X