Blog

29 okt / Tijd voor een Nederlandse Lente

Topje van de zandduin

Vanavond wordt voor de tweede maal de kleurrijke lijst gepresenteerd in het MC Theater in Amsterdam. Deze lijst die als tegenhanger dient van de overwegend blanke Opzij top-100 toont niet alleen dat Nederland enorm veel onderschat talent en potentieel kent (zowel onder vrouwen als mannen, er wordt ook een mannelijke lijst gelanceerd), maar ook dat dit talent vaak met een kleurtje (en soms met een hoofddoek) door het leven gaat. Terwijl de Hollandse Vinex-vrouw vooral druk is met zichzelf, maken de jonge allochtone generatie een opmerkelijke opmars. Nu de rest nog. Het wordt tijd voor een nieuwe emancipatiegolf in Nederland.

De bevordering van emancipatie is sinds jaar en dag een belangrijk speerpunt van de Nederlandse overheid. Het Ministerie van Buitenlandse Zaken heeft tal van potjes om de positie van vrouwen buiten de grenzen te verbeteren. De nadruk op externe emancipatie is mooi, maar ook misleidend. Vrouwenrechten worden nog steeds voornamelijk geassocieerd met ontwikkelingshulp. Gebrekkige emancipatie blijft hierdoor een “buitenlands” fenomeen. Maar terwijl Afrikaanse zakenvrouwen zich een weg naar boven werken en al eeuwenlang de ruggengraat van de samenleving vormen en Arabische vrouwen zich laten horen via sociale media en zo de gender-segregatie van binnenuit verbreken, verdwijnt de hoog opgeleide jonge Vinex-vrouw tussen bijkeuken en sportschool.
Het lijkt wel of de power-vrouw-generatie niet verder komt dan de Nina Brinken en Neelie Kroesen, rechtse blanke business-tycoons die zich op Merkeliaanse wijze een weg door de mannenwereld van het grote geld en de vuile politiek weten te banen. Zie ook de vertrouwde namen op de Opzij top-100. Eng vind ik ze. Onsympathiek ook. Maar ze staan tenminste wel hun mannetje. Wanneer gaan de overige vrouwen van Nederland nu eens hun vrouwtje staan?
Tijdens mijn onderzoek naar het moderne Midden-Oosten werd ik als jonge vrouw vaak op zeer persoonlijke wijze geconfronteerd met de vele beperkingen die Arabische vrouwen dagelijks worden opgelegd. Tegelijkertijd zag ik een vechtlust en kracht bij deze vrouwen die de meeste Hollandse vrouwen vreemd is. Die andere kant durven media en politici ons niet te laten zien. Die is te confronterend. Liever lezen we over gesluierde vrouwen die geen auto mogen rijden, dan over jonge zakenvrouwen met grote zonnebrillen op (waarbij velen van ons voor het gemak vergeten dat zodra er in Nederland een man in de auto stapt de vrouw ook prompt het stuur uit handen geeft). Zo ligt de arbeidsparticipatie in het snel-ontwikkelende koninkrijk Jordanië het hoogst onder vrouwen boven de veertig, staat Egypte in de top van landen met de meeste vrouwelijke bloggers en behoren Libanese vrouwen tot de hoogstopgeleiden ter wereld. Leg dat naast de arbeidsparticipatie of het maatschappelijke engagement van Nederlandse vrouwen en je voelt de pijn. De Nederlandse vrouw fietst in de sportschool of shopt met vriendinnen, laat haar man, vriend of rijke minnaar in haar onderhoud voorzien en heeft een parttime baantje voor de gezelligheid. Ze hebben niets te klagen, hoogstens veel te zeuren.
Ondertussen neemt het aantal vrouwen in de Tweede Kamer gestaag af en is de opmars van vrouwen bij de overheid gestagneerd, zo bleek uit recent onderzoek van de Volkskrant. Ook het eerdergenoemde Ministerie van Buitenlandse Zaken blijft een blank mannelijk bolwerk. Om nog maar te zwijgen over het Kabinet Rutte I dat het blankste, mannelijkste en oudste kabinet in jaren was.
Maar ook met het aantal vrouwen in de top van het bedrijfsleven wil het niet vlotten. Zo meldde Opzij eind 2011 dat het nog zeker 28 jaar zou duren voor dat 30% van de professionele top in Nederland uit vrouwen zal bestaan. Van de 716 zittende bestuurders en commissarissen waren slechts 66 vrouw. Nederland glijdt steeds verder af op de internationale gender-gap index. Dit heeft voor een deel met de onwil van mannen te maken om vrouwen op hoge functies te zetten of zelf parttime te werken. Het grootste probleem ligt echter bij de Nederlandse vrouw zelf, die weliswaar veel beter vertegenwoordigd is in het hoger onderwijs maar na haar studie liever tijd voor man, kinderen en hobby’s vrijmaakt en het vooral veel te druk heeft met zichzelf.
Het is frappant dat in een macholand als Spanje een hoogzwangere vrouwelijke minister van defensie het defilé af kan nemen terwijl in Nederland vrouwen niet verder komen dan staatssecretaris van gezondheidszorg. Het is verbijsterend dat een “bananenrepubliek” als Liberia een vrouwelijke president kan hebben terwijl in Nederland partijen amper een vrouwelijke lijsstrekker naar voren durven te schuiven omdat ze (terecht?) vrezen voor zetelverlies.

Gelukkig zijn er ook positieve ontwikkelingen in Nederland. Jonge vrouwen met niet-westerse roots werken zich razendsnel een weg naar boven. Terwijl hun broers en neven niet veel verder komen dan het MBO, gebruiken deze meiden het Nederlandse onderwijs als een springplank naar de top. Onder geen enkele groep neemt het aantal universitair geschoolden vrouwen zo snel toe als onder Marokkaanse meisjes. Deze power vrouwen met een kleurtje (én hoofddoek) studeren niet om daarna door hun man in een flatje met schotelantenne te worden weggemoffeld, maar om daadwerkelijk als vrije en zelfstandige vrouwen hun levensstandaard te verbeteren en een bijdrage te kunnen leveren aan de Nederlandse maatschappij. Ze komen van ver maar zullen nog veel verder gaan om zich voor eens en altijd aan hun marginale positie te onttrekken en zich krachtig te profileren. Dit zijn vrouwen met een bite.
Er zijn vele jonge verrassende ijzersterke talentvolle vrouwen die tot dusver veelal worden genegeerd door de Nederlandse politiek, de media en het zure feministische establishment, maar evengoed deze samenleving opschudden en hopelijk uit haar comateuze toestand doen ontwaken. De kleurrijke lijst met 101 krachtige, sterke, en unieke vrouwen vormt slechts het topje van de zandduin waarvan de vele korreltjes opstuiven, uit elkaar dwarrelen en op de stromen van een warme Zuiderwind door het land waaien. Laat die koude in zichzelf gekeerde ijsberg maar smelten. Nederland snakt naar lente in de polder.

Monique Samuel (1989) is een half-Egyptische/half-Nederlandse politicoloog en auteur van “Mozaïek van de Revolutie – een kijkje achter de voordeur van mijn nieuwe Midden-Oosten” (De Geus).

Dit artikel staat vandaag (29 oktober) ook in NRC Handelsblad.

2 Comments
  • Grace Mooy

    Kun je me verklaren waarom, ondanks dat de vrouwen uit de landen die je noemt zoveel meer vrouwen in topfuncties hebben, ze er niet in slagen om respect van hun mannen te krijgen? Het land met de meeste vrouwelijke bloggers is ook het land waar de vrouwen het meest worden lastig gevallen. Zou het kunnen komen omdat ze eigenlijk een hekel hebben aan mannen en dus ook aan hun zonen waardoor ze hun zonen zonder liefde opvoeden en dus vrouwenhaat kweken?
    Is de Nederlandse vrouwen zo relaxed omdat haar man ook haar (gelijkwaardige) maatje is en ze evenveel houdt van haar zonen als van haar dochters en daarom ook hun verschillen accepteert en dat doorgeeft aan haar dochters? Ik zie veel Spaanse vrouwen die er prachtig uitzien en veel tijd aan hun uiterlijk besteden, hard werken en voor hun kinderen zorgen, weinig mannen lopen achter de kinderwagen, maar ook vaak veel groepjes Spaanse mannen die lekker bij elkaar zitten en ik heb gehoord dat huiselijk geweld daar ook meer voorkomt dan Nederland. Wat is er mis met het geluk na te streven ipv aanzien in de wereld? Is het luiheid en egoïsme of zijn we gewoon al een beetje verder in onze ontwikkeling gevorderd vanuit de evolutie van de mens bekeken?

    Beantwoorden
  • Indra

    Goed stuk in het NRC – m.i. blijft de verklaring in het midden. Hier mijn opinie;

    Na bijna 9 jaar continue gereisd te hebben in Aziatische en Arabische landen is mij 1 ding duidelijk geworden. De *gezins* samenleving in Nederland is behoorlijk conservatief en verwend – iets wat ik 10 jaar geleden veel minder duidelijk zag. In het nederlandse gezin heeft de vrouw vaker de rol als verzorger, ondanks een eventuele (part-time) baan en iets van een carrière. En omarmt deze rol zelf ook meer dan eigenlijk nodig is.

    Een belangrijke factor in Nederland is dat het land klein is. De
    fysieke afstand tot ouders (met name mams) is in NL klein en de invloed van mams is in NL groot. Immers mams past zo af en toe op de kinderen en dochterlief wil niet afgaan als “mindere moeder”.

    Want iets niet goed doen is in NL echt een issue. Dus maak je carrière in moeder zijn en heb je alle boeken, cursussen gelezen en gedaan. Met het gezeur van mams en deskundigen op de achtergrond.

    Een soort prestige in familie sfeer.

    In een groter land zoals frankrijk, duitsland is de kans dat je
    verder van je familie gaat wonen veel groter, bv om werk te vinden voor man / vrouw. Mams is minder aanwezig meer op een afstand, als vrouw ben je automatisch meer zelfredzaam en het leven is vaak harder. Moeder zijn leer je door gewoon doen en er zijn minder mensen die er met “het vingertje” bij staan. Geeft veel meer zelfvertrouwen als je de opvoeding zelf klaart.

    En dit zit in de generaties – Mams is meer zelfstandig en dochter
    ook. Buiten NL in Europa vind je vaker een oudere vrouw op
    posities waar in NL alleen jonge meiden ziet staan.

    De oudere (55+) vrouw in NL is massaal afwezig op de werkvloer. Die zit traditioneel thuis en heeft alle tijd zich te bemoeien met dochter die kinderen heeft. Dit is een heel groot verschil met andere Europese landen.

    Dochterlief die een carrière wil maken wordt tegengehouden door
    gedachten van ‘mindere moeder’ zijn en zelf de kinderen het allerbeste wil geven en dat niet wil afgeven. Mams vindt dat prima dat dochterlief thuis is, want dat is best gezellig.

    Zo blijft de gezinsvrouw in NL waar ze is – parttime aan het werk en hoofdverzorger thuis.

    De Nederlandse lente? Nog een generatie wachten.

    Beantwoorden

Geef een reactie

X