Blog

15 jan / Schrijftips van Sedaris

Als blogger en columnist ben ik altijd bezig met het ontwikkelen van mijn schrijfvaardigheid. Dat kan natuurlijk door gewoon heel veel te schrijven en iedereen plat te spammen met zogenaamde hilarische anekdotes en andere vermakelijke kletskoek – iets wat ik al meer danVan je familie moet je het hebben regelmatig doe. Maar goed schrijven kun je ook leren door te lezen. Heel veel te lezen.

Nu gaat het onmiddellijk kriebelen als ik een dag niet schrijf, dus ik klim alsnog regelmatig achter m’n toetsenbord om er in razend tempo duizend of nog meer woorden uit te rammen. Maar ik trek me ook regelmatig terug met een goed boek. Voorheen waren dit vooral romans, maar steeds vaker lees ik ook columnboeken. Eerder schreef ik op mijn blog al een recensie over de laatste gebundelde pennenvruchten van Youp van ’t Hek. Nu is het tijd voor een reeks gebundelde verhalen van hele andere statuur. There we go Sedaris

Van je familie moet je het maar hebben
, is de eerste in een reeks van vier in het Nederlands vertaalde bundels van David Sedaris. Sedaris is in de VS zowat een legende. Hij treedt regelmatig op in de Late Night Show van David Letterman, vult hele theaters met zijn dolkomische stemgeluid en verhaalt zijn vermakelijke anekdotes ook regelmatig op de grootste radiostations in the States.
David Sedaris is openlijk homoseksueel, half-Griek en hij heeft een bizarre familie. Niets blijft bij hem ongezien en niemand wordt gespaard. Elke anekdote, hoe wrang of beschamend ook wordt neergepend, waarna hij daar doodleuk aan toevoegt dat als hij aan zijn zus of broer vraagt hoe het met hen gaat ze altijd ‘oh goed’ zeggen omdat ze te bang zijn hun verhaal anders later ergens terug te lezen. Van de bizarre papegaaien van z’n zus tot de vieze honden van z’n broer, z’n geobsedeerde vader die er alles voor over heeft om z’n gezin aan de Jazz te helpen, tot z’n trieste ervaringen in een homofoob zomerweek aan de Griekse eilanden. Van je familie moet je het maar hebben laat je keihard lachen, zo hard lachen dat je de tranen in de ogen krijgt en dat moet eigenlijk ook… want z’n verhalen zijn in feite te triest voor woorden. Je zou haast willen huilen, maar daarvoor is Sedaris toch net iets te grappig.

Of het fijn is om in de buurt van Sedaris te zijn? Nee, dat denk ik niet. Maar anders dan je misschien zou denken, is het grootste object van David Sedaris spot, Sedaris zelf. Wat hij ook over zijn knettergekke familie zegt, uiteindelijk neemt hij zichzelf nog wel het meest door de molen.

Het lezen van Sedaris leert mij drie schrijflessen: 1. Wees niet te serieus, 2. Lach hard en 3. Lach vooral hard om jezelf.

Mmm, tijd voor z’n tweede boek Ik mooi praten, want volgens mij kan ik al lachend nog heel veel leren!

Voor meer informatie en bestelgemolijkheden klik hier

2 Comments

Geef een reactie

X