Blog

16 mrt / Rode rozen

Er is weer hoop. Hoop op wat? Dat weet ik ook niet precies. Maar er is weer hoop, want Cohen is in de race. Dus: We want Job! En: Yes we Cohen. Tjonge, dat ik die woorden nog eens uitspreek. En dat terwijl de PvdA voor mij tot voor kort: Partij van draaikonten en Angsthazen betekende. Ja, er is iets heel bijzonders aan de hand in Nederland. Deze natie heeft mij eindelijk zo ver gekregen dat ik voor het eerst in mijn leven ernstig overweeg om of op Halsema of op Cohen te gaan stemmen. Nota bene, de linkse kerk! Maar ja, beter een kerk, dan geen kerk, hè CDA?

Vrijdag 12 maart heeft Bos het beste besluit in zijn ganse politieke carrière genomen, door te stoppen om meer tijd met zijn kinderen door te brengen (of directeur van de Nederlandsche Bank te gaan worden – gezinsuitjes naar Disneyland en Centerparcs moet je toch ergens van betalen en zo’n baan bespaart je wekelijks zoveel tijd). Hoe dan ook: van het ene op het andere moment staat politiek Nederland voor een uitdaging, een gigantische uitdaging. Debatteren tegen Bos kunnen we immers allemaal… Wilders maakt met twee woorden een voetveeg van hem. Balkenende ontlokt Bos met één schampere lach rode konen en een venijnige blik. Rouvoet schraapt slechts zijn keel en het is stil. Halsema slist en hoppa ze is de nieuwe premier. Bos is a piece of cake – dat draaikontenimago raakte ‘ie gewoon nooit meer kwijt en dat stomme lachje op de verkeerde momenten ook niet trouwens.
Maar Cohen? Burgervader Cohen? De een na beste burgemeester van de wereld? (Aldus Time Magazine) En één van de invloedrijkste Europeanen? (Ook weer volgens datzelfde Time Magazine – mmm, zou het misschien een joods complot zijn?) Daar kunnen we niet tegenop.Wilders haren werden opslag grijs toen ‘ie ’t hoorde – al wist ‘ie de Amsterdammer gelijk te verwelkomen als ‘multicultiknuffelaar’. Halsema zag haar zuurverdiende zetels direct verdwijnen. Pechtold zuchtte diep, terwijl Rutte wenste dat ‘ie beter naar z’n moeder geluisterd had en tijdig een rozenplantage was begonnen – heel rendabel in crisistijd. En Balkenende? Die kneep ‘m, voor het eerst in al die glansrijke jaren. Hij zag Bos op tv, hij zag die kenmerkende blik en wist ‘t: hij lapt het me toch – het is hem al die jaren niet gelukt en nu zaagt hij de stoelpoten zo onder me vandaan. De Zeeuw des Vaderlands sloeg zijn hand tegen zijn gezicht en ging langzaam zitten – verdwaasd en van zijn stuk gebracht. Hij had het spel gespeeld, tricky, gemeen, geniepig, zoals het een echte CDA’er betaamt. Maar nu had ‘ie alsnog verloren, hij wist het zelfs voor er ook maar iets gebeurt was. Zolang bill-out Bos bleef zitten kon onze premier immers mooi nog eens premier worden en nog een keer, gaan we weer, kan niet meer. Als Bos blijft – dan blijf ik ook! Dacht ‘ie, onze geliefde bijzonder hoogleraar christelijk sociaal denken. Want Bos – ja, die had het kabinet  laten vallen, van binnenuit laten imploderen, exploderen, het politiek proces doen frustreren! Díe moest zo nodig zijn beloftes aan de kiezer waarmaken. Díe zei eindelijk eens ‘genoeg is genoeg CDA, nu moeten jullie eens een concessie doen!’ Maar Bos blijft niet en Balkenende, de premier met ‘een rug als een banaan’, de Zeeuw die terug wil naar de VOC-mentaliteit, het schoolmeestertje dat ’t maar over normen en waarden heeft om er ondertussen alles aan te doen om zoiets fatsoenlijks als de roep om een parlementaire onderzoekscommissie in de kiem te smoren… Ja, Balkenende die besefte opeens – heel stiekem – dat het spel gewoon uit is. Dat macht, hoe mooi ook, niet oneindig is. En dat je soms maar beter stoer en met licht betraande ogen kan zeggen dat je meer tijd aan je kinderen gaat besteden – dan straks via de achterdeur het Torentje te verlaten. Maar het is te laat, Balkenende’s trots en ego staan hem teveel in de weg om nu nog met zijn hoofd fier overeind Den Haag te verlaten, terug naar de zilte klei waar hij vandaan komt. Hij heeft aan het pluche geroken en kan niet meer zonder. Hij gaat door, als een echte Zeeuw, biddend gaat hij ten onder terwijl de zee hem langzaam opslokt.

En dan Cohen. Hij wordt nu al verheerlijkt als was hij Obama zelf. Maar een Obama is ‘ie niet. En dat is maar goed ook, want Nederland heeft geen Obama maar een vader, een echtgenoot en een opa nodig. Een wijze lieve man, die een stapje terug kan doen – omwille van zijn zieke vrouw bijvoorbeeld. Die vanwege het landsbelang thee gaat drinken, ook al drinkt hij liever koffie. Die voetbalt en op een eenwieler door de stad fietst om Amsterdam op de kaart te zetten en tegelijkertijd toch niet hetzelfde beeld achterlaat als een trieste Agnes Kant die maar met moeite haar gymsprongetjes in het filmpje ‘ik-jij-wij-SP’ volhoudt. Cohen komt over als een man met gezag, zonder arrogant te zijn. Een man met autoriteit zonder eeuwige machtsbelustheid uit te stralen. Cohen lijkt op dit moment de enige kandidaat die Wilders op zijn plaats kan zetten, van Balkenende opeens maar een klein mannetje maakt en ondanks dat hij hard on crime is, toch gemoedelijk tussen Turk en Marokkaan, autochtoon en allochtoon, instaat.
Ik keek vrijdag naar het aftreden van Bos en toen naar de toespraak van Cohen. En opeens dacht ik: ‘Zou het dan toch nog goed komen? Zou ik toch niet hoeven emigreren?’ En zowaar opeens had ik weer hoop voor politiek Nederland. Want ik zag het al helemaal fout gaan met CDA-VVD-PVV. Vreselijk. Dat zou van Nederland respectievelijk het meest moralistische, neurotische, koude en krenterigste land van Europa maken. Maar nu zie ik een mooie lente tegemoet, met spannende debatten, progressieve dromen en wellicht heel veel rode rozen. Met een paar scherpe doorns, toch een prachtig exportproduct.

1 Comment

Geef een reactie

X