Blog

17 mei / Ramadan overdenking: de waarheid maakt vrij

En toen Ibrahiem zei: “Mijn Heer, toon mij hoe U de doden weer levend maakt.” Hij zei: “Geloof jij dan niet?” Hij zei: “Jawel, maar het is opdat mijn hart gerustgesteld wordt.” Hij zei: “Neem dan vier stuks gevogelte en snijd ze naar jou toe in stukken. Leg er dan op elke rots een stuk van. Roep ze dan en ze zullen op je toe komen rennen. En weet dat Allah machtig is en wijs.” (Soera 2: 260)

De dag na de aanslagen van 9/11 werd ik door drie scholieren van mijn fiets getrapt. Ik was als kind van een Egyptische vader immers ook een terrorist en werd een k*tmoslim genoemd. Want los van mijn afkomst maakte ook mijn kleur en daarbij geassocieerde religieuze achtergrond me onmiddellijk verdacht.
De Twin Towers waren nog geen 24 uur daarvoor aan de andere kant van de oceaan met gruwelijk geraas ingestort en daar lag ik als twaalfjarige brugpieper met blauwe plekken op de grond. 

Ik ben christen, uit een Koptisch-christelijke familie die in Egypte (waar deze grote minderheid constant doelwit van aanslagen is) nooit weet of ze de kerkdienst zullen overleven. Maar ik voelde niet de wens om luid en duidelijk te schreeuwen dat ik geen moslim ben. Ik besloot juist de islam te bestuderen.
Die beslissing was het begin van een reis die nooit meer gestopt is. In mijn zoektocht naar God voorbij godsdienst, relatie met de Eeuwige voorbij religie, de betekenis van genade en vergeving voorbij angst en schaamte besloot ik ver over de grenzen van mijn eigen geloof te zoeken naar al wat waar, echt en puur is. 

Ik begon de Koran te bestuderen, las stapels boeken over het leven van de profeet, nam de grondbeginselen van de islam door, volgde uiteindelijk vakken islamitisch recht aan de Universiteit van Leiden, sprak met moslims uit alle hoeken en windstreken, bezocht tientallen moskeeën over de hele wereld, ging bij een salafistisch instituut in Cairo in de leer, raakte bevriend met vele moslims in en buiten de Nederlandse landsgrenzen en kreeg uiteindelijk herhaaldelijk een (romantische) relatie met moslima’s.  Mijn verkenning en omzwervingen in de vele islamtische gemeenschappen werd een letterlijk eten, bidden en beminnen. Ik hield de ramadan en interviewde voor de Groene Amsterdammer tientallen bekende en minder bekende moslims om ze eindelijk meer te laten zijn dan slechts dat; die ene gewraakte en zo gevreesde identiteit. Het leverde het boek “God is groot: eten, bidden en beminnen met moslims” op wat mij vervolgens nog veel meer berichten, ontroerde reacties, vriendschappen en uitnodigingen voor iftars en het vrijdagmiddaggebed bracht.

Velen begrepen en begrijpen mijn open houding niet. Zowel uit christelijke, ongelovige als islamitische hoek regent het vaak verbaasde reacties (en dat is dan nog een understatement).
Maar wie echt met God opwandelt en een daadwerkelijke innige band met de Allerhoogste heeft – die ik graag mijn Vader en Moeder teelijk noem – is niet bang voor vragen. In de Bijbel zijn de grote profeten weinig heilig. David/Daoud ging vreemd en liet de man van zijn minnares vermoorden. Noach/Noah werd dronken. Simson/Samson was een “he man with a she weakness”. Jona/Younes reisde liever honderden kilometers om om vervolgens in de rottende maag van een walvis te eindigen dan God te gehoorzamen. Elia/Illias vervloekte de dag van zijn geboorte en was suïcidaal. Josef/Yousef was nogal arrogant en moest een flink lesje in nederigheid leren voor hij onderkoning van Egypte kon worden. 

Of om simpelweg bij de eerste mens te beginnen: Adam nam geen enkele verantwoordelijkheid voor zijn daden en gaf zijn vrouw simpelweg de schuld van zijn eigen zondeval (bekend patroon heren?). Tja, al die profeten en religieuze voorvaderen (het zijn nogal wat mannen) zijn nét mensen. Maar wat zien we? God transformeert de ergste pijn en grootste zwakte in Zijn mooiste plan en Haar veelkleurigste schoonheid.
Daarom houd ik van deze aya uit de soera al-baqarah of de soera van de koe. In de Koran zijn de profeten vaak maar heilige boontjes, je zou haast vergeten dat zij ondanks hun menselijke zwaktes door God werden gebruikt, niet vanwege de afwezigheid daarvan. Maar hier zien we een kwetsbare en onzekere Ibrahim, die God durft te bevragen. Juist in die vraag schuilt groot geloof. Want alleen wie bang is met zijn eigen twijfel te worden geconfronteerd durft geen vragen te stellen en houdt zich krampachtig aan dogma’s en starre leerstellingen vast.

En daarom bid ik vrijmoedig in de moskee, vast met blijdschap of lees als vanzelfsprekend de Koran (naast mijn geliefde Bijbel). Het is immers zoals Jezus zegt: “De waarheid zal je kennen en de waarheid zal je vrijmaken.” Niet onze menselijke waarheden, maar de goddelijke eeuwige waarheid die is en zich aan geen religieuze doctrine of menselijke stelligheid onderwerpen zal.

Ik wens het iedere gelovige en zoekende ziel de bevrijding toe openlijk vragen te stellen en bid dat God slechts groter mag worden in onze zwakte, niet in onze ijver naar eigen volmaaktheid.

Ramadan kareem allemaal.   

Meer info over God is groot en gratis proeffragment vind je HIER. Speciaal voor de Ramadan is het boek in prijs verlaagd naar EUR 14,95.

Deze overdenking werd geschreven op verzoek van de Gulden Regel.

Foto van Vincent van Kleef.

2 Comments

Geef een reactie

X