Blog

14 okt / Is de Arabische revolutie een Arabische herfst geworden?

Dit artikel verscheen ook op dejaap.nl en in gewijzigde vorm in Trouw.

Afgelopen zondagavond werd Egypte opgeschrikt door de ergste geweldsuitbraak sinds de val van Hosni Mubarak, 11 februari jl. Via youtube en Facebook werden over de hele wereld filmpjes verspreid waarop te zien is hoe pantservoertuigen op christelijke demonstranten inrijden en Koptische demonstranten met harde hand in elkaar worden gemept. Er was meer aan de hand. Op zondagavond haalde de Egyptische overheid de niet door de staat gecontroleerde televisiezenders al-Arabiyya en Al-Jazeera uit de lucht. Op de staatszenders was te zien hoe Kopten en het leger slaags raakten. Drie uur lang werd er op uitzinnige toon geroepen dat de Kopten Egypte aanvielen en dat ‘iedere goede burger’ het land van de ‘christenhonden’ moest redden (aldus een hoge generaal).

Het was een hoax. De vreedzame demonstratie van een aantal duizend Kopten na aanleiding van een volgende afgebrande kerk in Zuid-Egypte was geen coup d’état. Het was de wanhopige roep van een religieuze minderheid die al decennialang in de verdrukking staat en zo blijkt, telkens weer op geen enkele bescherming vanuit het leger of de overheid kan rekenen. De beelden roepen echter ook vragen op over de ‘Arabische lente’, die na een hete zomer nu in een trieste herfst lijkt beland. Sommigen spreken zelfs al van een koude winter. Analisten en politici moeten oppassen om niet opnieuw de vierjaargetijen van Vivaldi te componeren, maar feit is dat de hoopvolle roes van de Arabische lente nu toch langzaam een zware kater wordt. In Syrië heerst grote verdeeldheid tussen hen die voor en tegen het regime van Al-Assad zijn, terwijl de Syrische veiligheidsdiensten al drieduizend doden op haar naam heeft staan.

In Libië mag Khadaffi verjaagd zijn, er was een maandenlange guerrillaoorlog en NAVO-steun voor nodig en in de laatste bolwerken van de ‘grote leider’ wordt nog immer hard gevochten. Tunesië zoekt naar een nieuwe toekomst waarbij liberalen en islamitische partijen lijnrecht tegenover elkaar staan. In Jemen wil President Saleh van geen wijken weten, ondanks zijn belofte om op te stappen. Ook in Bahrein blijft het onrustig. Zo was er vorige week een megaprotest naar aanleiding van de dood van een zestienjarige jongen. Volgens de overheid waren het jagers die de jongen in het hoofd hadden geraakt, maar de lokale bevolking sprak van politievuur en ging woest de straat op.

De recente ontwikkelingen in Noord-Afrika en het Midden-Oosten stellen de analist voor een lastig dilemma. Enerzijds is het veel te vroeg om lange termijnuitspraken te doen, anderzijds lijkt het westerse publiek geen geduld te hebben de ontwikkelingen inderdaad af te wachten. Mubarak moet onmiddellijk worden opgevolgd door een charismatische democratische leider. Al-Assad had allang gevallen moeten zijn. Khadaffi berecht.
De werkelijkheid is echter weerbarstig. Landen in transitie van een autoritair regime naar democratische politiek bestel zijn het meest vatbaar voor burgeroorlog en sektarisch geweld. Ook is de kans op een militaire overname groot. De geschiedenis kent geen voorbeelden waarin een land na eeuwenlang dictatoriaal bestuur opeens een volmaakt perfecte democratie is geworden. Sinds de val van de muur in 1989 zijn de meest Oost-Europese landen welvarender, democratischer, veiliger en vreedzamer. Maar hier was wel Europese miljardensteun voor nodig. Daarnaast zijn Roemenië of Hongarije nog steeds geen modeldemocratieën.Voor een land als Egypte met een gigantische bevolking (84 miljoen), enorme armoede (40% leeft onder de armoedegrens), een hoge analfabetiseringsgraad (40% kan niet lezen of schrijven) en welig tierende corruptie en nepotisme, is een snelle omschakeling zo mogelijk nog moeilijker. De revolutie nog maar net begonnen. Interim-premier Sharaf of hoogste generaal Tantawi zijn onderdeel van het oude regime.

“Wij gaan door tot het leger terug in de barakken zit,” zo vertelden betogers op het Tahrirplein mij afgelopen zomer. “Deze revolutie is pas over als we onze eigen democratisch gekozen civiele regering hebben.”

De echte revolutie is aan het politieke zicht onttrokken. In het hele Midden-Oosten en Noord-Afrika vindt een omwenteling plaats. Ook in Saudi-Arabië en Marokko zijn er tal van maatschappelijke ontwikkelingen aan de gang. 2/3 vande in woners van de Arabische wereld is jonger dan 29 jaar. Deze jongeren hebben andere opvattingen dan hun ouders, streven naar hoge idealen als vrijheid en gelijke kansen, maar ook simpele behoeften als werk en huisvestiging. Het oude establishment heeft het moeilijk met de opkomst van deze jonge generatie die elkaar op internet vindt en op straat nu hardop z’n mening uit. De Koning van Marokko moest grote concessies doen, in Saudi-Arabië mogen vrouwen opeens stemmen, in Egypte sneuvelt bijna wekelijks een minister, in de Golfstaten worden er hervormingen afgekondigd. Politieke leiders, generaals, imams en priesters, geen gezagsdrager is meer immuun voor de stem van de jeugd. De echte revolutie, de sociale revolutie en maatschappelijke omwenteling die in de hele Arabische wereld al tien jaar plaatsvindt is onomkeerbaar. Tahrir of Damascus vormen slechts het topje van de ijsberg. De politieke verschuivingen die we de afgelopen maanden zien zijn slechts een gevolg van de grote ommezwaai in de samenleving. Niet de val van Mubarak, maar de opkomst van een civil society en een duidelijke stem van de jeugd is de echte Arabische lente.

De jongeren nemen niet langer genoeg met het oude gezag en zullen de straat op blijven gaan tot hun doelen zijn bereikt, of de ouderen het nu leuk vinden of niet. De Arabische wereld heeft nog een lange weg te gaan. Facties strijden om de macht en dictators en legergeneraals lijken voorlopig het pluche niet op te willen geven. Toch zal de Arabische wereld er over twintig jaar totaal anders uitzien. De echte revolutie is een demografische revolutie. De Facebook en iPod-generatie zal de regio voorgoed veranderen.

In voorjaar 2012 verschijnt bij Uitgeverij de Geus Mozaïek van de Revolutie: een kijkje achter de voordeur van het Nieuwe Midden-Oosten. In dit boek zal ik veel verder ingaan op de scoiale revolutie, de invloed van de jeugd, de impact van de generatiekloof en de lange weg die Egypte en zijn Arabische buurlanden nog heeft te gaan.

1 Comment
  • Jan Hamer

    Ik vrees dat de Arabische Lente zal eindigen in een Arabische nachtmerrie als ik zo de ontwikkelingen zie. Ik ben overtuigd van de goede voornemens van de jongeren, maar het is altijd weer gebleken dat ook zij niet in hun eentje hun voornemens kunnen realiseren. Er zij altijd krachten die proberen hun werk teniet te doen. Triest, maar realiteit. Dat neemt niet weg dat ik volledig achter die jongeren sta. Maar ze zullen nog een lange weg te gaan hebben.

    Beantwoorden

Geef een reactie

X