Blog

14 jul / Hij zit nog in de koelkast…

Deze column staat vandaag ook in Trouw

Het is onrustig op het Tahrir-plein in Cairo. Het tentenkamp op het plein groeit gestaag. Tot diep in de nacht wordt er muziek gemaakt en leuzen tegen de interim-regering gescandeerd. Tijdens de megademonstratie van afgelopen vrijdag lopen mijn vriendin Ibá, Ahmed haar collega bij de Arabische Liga, een Nederlandse journalist en ik over het bloedhete plein. Na urenlang (over)verhit discussiëren besluiten we wat te gaan drinken. Ahmed vertelt mij dat hij tijdens de 25-januari revolutie zestien van de achttien dagen gedemonstreerd heeft. ‘Ik stond vanaf de eerste dag op Tahrir,’ zegt hij trots. ‘Was je niet bang?’ ‘Nee, echt niet,’ hij slaat zich op de borst. Ahmed stond er niet namens een groep of organisatie.’De politieke partijen die we hebben zijn waardeloos,’ zegt hij. ‘Ik stond er als individu om te strijden voor mijn land.’ ‘Maar straks zijn er verkiezingen,’ merk ik op. ‘Op wie ga je dan stemmen? El Baradei?”Nee!’ roept hij uit. ‘Wie dan, Amr Moussa?’ ‘Nee, die al helemaal niet!’ lacht hij. Amr Moussa mag dan zijn voormalige werkgever zijn, zoals zoveel werknemers bij de Arabische Liga heeft hij het niet op de mediageile secretaris-generaal. ‘Is er wel een geschikte kandidaat?’ ‘Aywa, fi, leikin hoha lessa fi talega (ja die is er maar hij ligt nog in de koelkast).’ Ik grijns. ‘In de koelkast? Naast de groenten en het vlees zeker?’ ‘Ja, links van de melk,’ zegt hij grinnikend. ‘Mmm, dat wordt een interessante kandidaat. Maar hé, yalla ya Ahmed eftah al-talega (kom op doe die koelkast open)!’ Ahmed neemt een stevige trek van zijn waterpijp. ‘Ik zou wel willen,’ zegt hij. ‘Maar we hebben de koelkast nog niet gevonden.’ Ik zucht. ‘Mate’la’ies, wees niet bezorgd,’ zegt hij. ‘De geschikte kandidaat zal zich op de juiste tijd kenbaar maken. ‘Ik hoop het Ahmed, ik hoop het,’ mompel ik weinig overtuigd. Keer op keer verzekeren mensen mij ervan dat de juiste president echt op zal staan, maar ik weet het zo net nog niet. De revolutie mist een leider. ‘Hé zien jullie die jongen daar, in dat grijze T-shirt en strakke broek met die kolentang zo nonchalant in z’n kontzak?’ merk ik dan in het Nederlands op. Ik lach: ‘Vinden jullie hem niet enorm homo?’ De Nederlander fluit zachtjes tussen z’n tanden. ‘Ahh, echt wel. Even een testje hoor.’ Hij wenkt en wijst naar z’n waterpijp.De jongen buigt zich voorover en drukt langzaam de kooltjes aan. ‘Ja hoor, hij knipoogde naar me!’ ‘Ahhh, zouden de Egyptenaren dit ook zien?’ ‘Ik denk het wel,’ zegt mijn vriendin Ibá. ‘Hoe zou zijn leven eruit zien?’ ‘Er zal achter z’n rug waarschijnlijk flink om hem worden gelachen en hij zal wel worden geplaagd, maar volgens mij laten de mensen hem verder begaan.’ We praten nog steeds in het Nederlands, Ahmed heeft niets door. ‘Fi eih?’ vraagt hij mij zacht. ‘Oh niets,’ zeg ik snel. Het mag misschien duidelijk zijn dat de jongen homo is, ik durf Ahmed toch niet met die informatie te confronteren. Hoho lessa fi-talega, mompel ik zacht (hij zit nog in de koelkast). Homoseksualiteit blijft voorlopig nog een te groot taboe. Of die jongen nou openlijk homo is of niet, zodra hij te opzichtig fysiek wordt is het snel gedaan met de stille gedoogsteun.

Voor wie geïnteresseerd is in de maatschappelijke en politieke tegenstellingen van de Egyptische samenleving, bekijk vooral the Yacoubian building gebaseerd op de gelijknamige bestseller van Alaa al-Aswani.

De Egyptische tandarts Alaa al-Aswani is een van de populairste en openhartigste romanciers van de hedendaagse moderne Arabische literatuur. Zijn boek Yacoubian dat in 2004 in het Arabisch verscheen, over het leven van de mensen in zijn eigen flat (genaamd het Yacoubian) werd een internationale bestseller en bracht een hevig debat over politiek en maatschappij in de Arabische wereld op gang. De roman is verfilmd onder de titel the Yacoubian building en trok van Marokko tot Irak en van Sudan tot Libanon volle bioscoopzalen. Geen Arabische film werd eerder zo goed bekeken. Alaa al-Awani’s tewede boek Chicago leidde voor zover mogelijk tot nog meer commotie. De orale seksscène in deze roman riep grote weerstand op. Voor veel Arabische moslims en christenen blijft orale seks vandaag de dag een groter taboe dan homoseksualiteit

1 Comment
  • Peter

    Al die taboes op relaties en sexualiteit maken het leven zo wel heel ingewikkeld.. Zucht..

    Beantwoorden

Geef een reactie

X