Blog

28 dec / Erop of eronder voor de Arabische wereld

Deze column verscheen ook in Trouw.

De uitbraak van de Arabische lente, zoals de volksopstanden in de Arabische wereld al snel bekend werden, verrasten begin 2011 vriend en vijand van een regio in transitie.
Wordt 2012 het jaar dat vrijheid en democratie definitief doorbreken in de broeierige, warme, stoffige straten van Cairo, Sana’a en Damascus?
Of het jaar dat de dictatuur van een radicale minderheid wint, dat Allah de naam wordt van de nieuwe president?
De komende maanden wordt erop of eronder voor Syrië.
Bashir al-Assad is een young profesional dictator. Jonge leiders die hun wrede vaders opvolgen kunnen twee dingen doen: hun testosteron gebruiken om het land in recordtempo te vernieuwen, of hun jeugdige energie aanwenden om nog onvermoeibaarder de oude strategie voort te zetten.
Bashir Al-Assad koos het laatste.
De komende verkiezingen wordt ook erop of eronder voor Jemen.
Hoewel het nog maar de vraag is of die verkiezingen er echt gaan komen. Ze staan gepland voor februari, maar er is maar één echte oppositiekandidaat, de huidige interim die gelinkt is aan het regime.
En Saleh? Die oude rot heeft een mooie immuniteitsdeal gesloten – onder de suspiciën van de VN nog wel – en voelt zich daardoor onschendbaar. Anders dan hij beloofd had, heeft hij de prachtige Jemenitische hoofdstad met rode lemen wolkenkrabbers niet verlaten. Hij zit daar lekker droog. Héél droog. Sanaa’a zal binnen een decennium de eerste hoofdstad zonder water zijn.
En wat te denken van Bahrein?
De Westerse media berichen amper over dit golfstaatje, maar wie het nieuws van de Arabische persbureaus volgt leest regelmatig over twee doden hier en een paar duizend demonstranten daar. Bahrein mag niet vallen. De sji’ietische meerderheid mag de regerende soennitische minderheid onder de leiding van Koning Hamad bin Isa Al-Khalifa en premier Prins Khalifa bin Salman Al-Khalifa niet overnemen. De laatste is de langstzittende niet-gekozen premier ter wereld. Hij bekleed het pluche sinds 1971 en lijkt van plan dat tot zijn dood te blijven doen.
De Amerikanen zullen hem geen strobreed in de weg leggen. Als Bahrein in handen van de sji’ieten valt, neemt Iran effectief de macht over – zo stellen zij. En dus steunden ze impliciet de door Fransen en henzelf getrainde Saoedische troepenmacht om de ergste onlusten hardhandig in te dammen.
In Bahrein staat de grootste Amerikaanse basis in de regio, die met het dreigende nucleaire gevaar van Iran alleen maar belangrijker wordt. Dat nucleaire gevaar kan zomaar tot de grootste oorlog van het nieuwe millennium leiden. De Israëliërs willen preventief aanvallen, zoveel is duidelijk en het wordt steeds moeilijker voor Obama om Jeruzalem in toom te houden. Obama’s dalende populariteit geeft Netanyahu steeds meer vrijheid. Duizend nederzettingen erbij? Washington staat met een mond vol tanden. Een kruisraket op Teheran? Niet onwaarschijnlijk. Maar dat laatste zal desastreus zijn. Ahmadinejad zal terugschieten en de hele islamitische wereld zal op z’n achterste benen staan – ook die binnen de grenzen van Europa.
2012 wordt erop of eronder. Maar tussen al dat hoge machtsspel en realismepolitiek, transformeren de maatschappijen van binnenuit en blijven de jongeren aansturen op verandering. Zij zijn de Arabische lente. Zij zijn de echte revolutie. Een sociale revolutie die ook in het nieuwe jaar door zal gaan.

Geef een reactie

X