Blog

09 dec / Dansen in de rimboe

Vandaag was zo’n ongelofelijk heftige en volle dag dat ik amper weet waar te beginnen. Om alle activiteiten eens op te sommen: ’s Ochtends gingen we vroeg op weg naar het grootste en oudste project van Compassion op de Dominicaanse Republiek. Daar hebben we een conferentie voor 75 jonge moeders en hun kinderen georganiseerd in een bloedhete overvolle kerk, vol jengelende baby’s en kletsende vrouwen.

Op de achtergrond klonk de herrie van schreeuwende verkopers op straat, opgevoerde motors en het oorverdovende kabaal van de bijbehorende projectschool van 400 lachende, spelende en gillende kinderen. De moeders waren jong, zeer jong. Sommigen waren zelfs 14. Onvoorstelbaar om die meisjes met baby’s en peuters te zien zeulen. Toch voelde je de liefde van die jonge vrouwen voor hun kinderen. Na een Bijbellezing door de pastor, uitbundig Caribisch geswing op een kerklied en een toespraak van enkele vrouwen van onze groepsreis (over het vaderhart van God en het belang van liefdevolle woorden), gingen we aan de slag met knutselwerkjes en het uitdelen van speelgoed. De jonge moeders werden met hun kind/kinderen op een voor een op de foto gezet waarna foto voor foto uit een draagbare fotoprinter rolden. Het was een hels kabaal en Ivan (onze tolk en Compassionleider) en ik waren er maar druk mee. De anderen vrouwen voedden ondertussen baby’s, renden achter kinderen aan en versierden fotolijstjes. Het was geweldig om die jonge meiden zo aan het knutselen te zien, weer even kind, samen met hun kinderen. Ik heb de helft van alle portretten geschoten (zo’n 40-50 stuks) en ik kan je vertellen, de dames zijn kritisch! Trots op hun kinderen willen ze er zo mooi en gelukkig mogelijk uitzien. Aan het eind van de ochtend gaven twee jonge moeders nog een getuigenis over hoe Compassion hun en hun kinderen had opgevangen, hoe ze tot geloof waren gekomen, hoe ze nu weer dromen hebben voor een betere toekomst en hoe hun leven veranderd is. Dit waren zeer ontroerende aangrijpende verhalen en het gebed dat we samen voor hen hebben uitgesproken roerde me diep – net zoals de andere gebeden trouwens. We bidden steeds bij elk home visit en bij elke ontmoeting – een goed gebed zegt meer dan honderd knuffels of duizend woorden.

Na de vrouwenmorgen bezochten we een kleine polikliniek waar moeders voorlichting krijgen over het verloop van de zwangerschap, de groei en ontwikkeling van hun baby’s wordt bijgehouden, er met baby’s gespeeld wordt en hen motorische vaardigheden worden aangeleerd, er in samenwerking met de lokale medische hulpdienst voor medicijnen wordt gezorgd en wordt voorkomen dat vrouwen nogmaals zwanger worden door voorlichting over en voorziening van anticonceptiemiddelen. Deze middelen worden gratis ter beschikking gesteld door de overheid, maar worden in dit katholieke land nog steeds als een taboe beschouwd. De polikliniek was zeer smal en klein (het was proppen met ons, veertig man), maar de ruimte was mega effectief ingedeeld en de vrolijke en kleurige muren, kussens, dekens en versieringen waren geweldig. Je voelde echt liefde en vrolijkheid in deze ruimte en de vrouwen die hier werken en de moeders waren begeleiden waren trots en dankbaar voor hun werk.

Toen gingen we op weg naar de sloppenwijk. We waren gewaarschuwd dat dit een erg arm gebied zou zijn, maar dat bleek een understatement. Dit was gewoon een grote Afrikaanse rimboe. Waar we gisteren nog constateerden dat de armoede in de Dominicaanse Republiek ‘aangename armoede’ was, in de zin dat mensen hun huizen en straten echt schoon houden, ze veel tijd en energie in de inrichting van hun huis steken en er altijd zeer verzorgd uitzien, belandden we hier midden in de jungle. Na een zeer moeizame lastige rit, waarbij het overbeladen busje met zo’n 40 mensen, bijna kantelden, kwamen we aan de bovenkant van een arme wijk uit. Vervolgens begon de klim naar beneden, want zoals op meer plekken in Santo Domingo geldt: hoe lager, hoe armer. Deze wijk was een buitenwijk van de stad en we liepen zo de jungle in. We liepen een mega stijl pad naar beneden, langs kleine huisjes en kotjes, terwijl er overal kippen rondliepen en de groene bergen een prachtig uitzicht gaven. Helaas is het internet vreselijk traag, dus ik kan steeds geen foto’s uploaden, maar het uitzicht was fenomenaal. We liepen steeds verder en verder naar beneden tot we in een dal terecht kwamen met overal beschilderde kotjes, blikken huizen, golfplaten krotten, afval, varkens, koeien en andere dieren. Er klonk overal muziek vandaan, terwijl mannen en vrouwen ontspannen op stoelen zaten en honderden kleine zwarte kinderen rondrenden – de meesten (half) bloot. Kinderen van twee droegen hun jongere broertje of zusje op hun rug en stormden van huisje naar huisje, die op enige afstand van elkaar staan, met overal bananenbomen en palmbomen tussendoor. De mensen verbouwen groentes en fruit bij hun huis en het vee loopt gewoon rond. Zelfs de kippen hadden baby’s, dus overal zag je piepende en krijsende kleintjes. Ik keek m’n ogen uit. Gelukkig kon ik heerlijk foto’s maken. De Dominicanen zijn ongelofelijk vriendelijk en dankbaar voor wat ze dan ook maar bezitten. Ze schamen zich dus ook niet voor hun armoede en laten ons alles fotograferen en overal rondkijken. Het is echt een geweldig land en een geweldige cultuur. Ik heb vandaag voor de tweede dag met de veldleiders opgetrokken en steeds met hen aan tafel en de kerkbanken gezeten. Ze voelen als broers en zussen die ik al heel mijn leven ken. In Spaans en Engels praten we over van alles en nog wat en hun humor is goud. Ik heb nog nooit zoveel gelachen als hier.

Bij een piepklein hutje van losse ijzeren platen bleven we staan. Hier woont Loeci, het meisje waar we met een klein groepje vrouwen een homo visit gingen brengen. Warm werden we door de moeder (die slechts een badjas en handdoek droeg) ontvangen. Ze zette snel plastic stoelen buiten het hutje en we gingen zitten. De vrouw had zo’n zes kinderen, waaronder Loeci die op haar veertiende bevallen was van een dochter. De vader heeft haar onmiddellijk de rug toegekeerd. Loeci is nu vijftien, maar anders dan de andere jonge moeders straalt ze van de levendigheid en energie. Dankzij Compassion kan zij gewoon weer naar school en wordt er voor haar schattige kindje gezorgd. Ze krijgen medische begeleiding, ontwikkelingstraining, onderwijs, cursussen in opvoeding en leren zelfs hoe ze als moeders educatief speelgoed voor hun kinderen kunnen maken om zo de motoriek en cognitieve vaardigheden van hun kinderen te ontwikkelen.

Vervolgens werden we ‘rondgeleid’ in het krotje. Hier schrokken we enorm van, het was zo’n klein. Er was een woonkamer van 1,5 m2, waar een klein keukentje inzat (zonder gootsteen, oven, gaspitjes of kraan), een tafeltje stond, een oude stereobox en posters van politici hingen en er was een slaapkamer van 5 m2, waar tot je middel vieze matrassen op elkaar gestapeld lagen, er overal was hing die midden in je gezicht hing en een soort ‘douche’ was, bestande uit een bak water en een ijzeren plaat. Het stonk vreselijk in de kamer en het idee dat hier zeven of acht mensen sliepen was ongelofelijk. Er was geen eens ruimte voor twee mensen om in het huis te staan. Doordat het hele huis van ijzeren platen was, was het er echt bloedheet. Zeker zo’n 50 graden. Het koelt hier ’s nachts nauwelijks af, dus het is ongelofelijk dat de mensen in zo’n oven slapen. Tot overmaat van ramp zijn de huisjes niet waterdicht en overstroomt het riool vaak. Daarnaast komt zo nu en dan al het regenwater en afval vanaf de hoger gelegen wijken en bergkrotjes  naar beneden stromen, waardoor hun huis regelmatig overstroomd wordt door een vieze dikke drab. Toch straalde de moeder en leidde Loesi ons door het krotje rond alsof het een paleis was. Ondertussen hadden zich voor het krotje wel zo’n 30 kinderen in de leeftijd van 1 tot 4 jaar verzameld. Bloot en met grote ogen keken ze ons aan. Toen we de cadeautjes tevoorschijn haalden was het een groot feest. Ik had snoep mee en de zakjes vonden gretig aftrek (ook bij de medewerkers van Compassion en de volwassen vrouwen). Vervolgens werden we om het huis rondgeleid. We kregen het stromende afvalwater te zien, de hond in het veld die puppies had, de verbouwde groenten. Op de achtergrond klonk keihard Enrique Iglessias en lokale salsamuziek. Daar stond ik dan, in een van de armste gebieden van de Dominicaanse Republiek, waar drugsgeweld en gangs aan de orde van de dag zijn en waar op twintig meter afstand precies vijf van de patserige jongens stonden. Hier wordt bijna elk meisje op haar dertiende of veertiende zwanger, vindt massaal misbruik plaats en is prostitutie de normaalste zaak van de wereld. En toch voelde ik me gelukkig. Ik speelde met de kinderen, omarmde Loesi en praatte met haar en danste op de muziek die over de velden galmden. Ik voelde me volstrekt veilig en dankbaar, dankbaar voor deze mensen, voor deze prachtige kinderen, voor die lachende moeder die zo blij was het met voedselpakket en voor het geluk hier te mogen zijn en deze gemeenschap te mogen zien. Alle kinderen uit de buurt kwamen aansnellen en deinden om ons heen als zwarte zee van grote ogen. Onvergetelijk.

Vervolgens mochten we weer omhoog klimmen, de gewone wijken in. We propten ons weer in het busje en gingen terug naar het grote project om heerlijk te eten. Het is steeds even slikken, al dat vreemde voedsel, maar Dominicaans eten smaakt verrukkelijk. Daarna gingen we terug naar het hotel, waar we rond vijf uur, half zes aankwamen. Na een douche en een aantal goede gesprekken mochten we weer gaan eten. Met twee studenten deze keer die speciaal door het Compassion Leadership Development Program geselecteerd zijn. Opnieuw volgden mooie getuigenissen en ontroerende gesprekken. Hier gebeurt ongelofelijk mooi werk. Iedereen die nu nog twijfelt aan het belang en de effectiviteit van ontwikkelingshulp moet zich schamen. Elk kind dat het voorrecht heeft om gesponsord te worden is gered, van de armoede, de uitbuiting, het geweld, de honger en de uitzichtloosheid. In alles wordt op de projecten voorzien, van eten tot onderwijs, van gezinsbegeleiding tot medische, psychische en spiritueel zorg. Oh kon ik al die kinderen maar adopteren en voor eeuwig bij me hebben. Ze zijn lichtjes voor de wereld die door het Westen gezien zouden moeten worden.

Geef een reactie

X