Blog

01 aug / Córdoba stad van Kalifaat en Kathedraal: Religieus-culinaire reis door het hart van Spanje

Allah al-akbar,’ galmt er over de kleurige binnenplaats. “Allahhh….
In de straten van het oude centrum van Córdoba klinkt sinds enkele jaren weer de gebedsoproep. Na de val van het kalifaat van Córdoba en de inname van de ooit een na grootste stad ter wereld (met in de Middelleeuwen het ongekende inwonertal van 500.000 ingezetenen) op 29 juni 1236 nam de invloed van moslims in de stad snel af. Tijdens de grote Spaanse Reconquista werden Joden en Moslims vervolgd, opgedreven en gedwongen bekeerd.

Anno 2012 preekt de warmste stad van Europa een boodschap van tolerantie en druist daarmee recht in tegen de wind van anti-Islamitische populistische retoriek in het hedendaagse Spanje. Samen met Grenada is het de enige stad van het land waar moslims op mogen roepen tot het gebed. En niet alleen dat. Ook de laatste 25 Joden van de stad grijpen terug naar hun cultureel erfgoed. Lang was het stil in de Joodse wijk, maar de afgelopen anderhalf jaar hebben de stad en haar inwoners verschillende stappen gezet om Judería nieuw leven in te blazen. Zo is de oude synagoge gerestaureerd, evenals het museum “Casa de Sefarad”.

Is Sevilla vooral heel groen, Córdoba is de stad van bloemen en patio’s. We drinken copo fino – lokale witte kruidige wijn – en café solo – espresso – in “La Mocarra”; een jazzy cafeetje op een prachtige binnenplaats waar het fijne druppeltjes regent. Maar bij het horen van de gebedsoproep staan we op. De indrukwekkende en wereldberoemde Mezquita-moskee is al eeuwenlang in gebruik als kathedraal, maar op een smal binnenplaatsje achter het islamitische wereldwonder is vijftien jaar geleden een nieuw moskeetje gebouwd. We lopen door de smalle steegjes en ontmoeten een man die in de deuropening van het Moorse café-restaurant “Teteria Wuallada” over het straatje uitkijkt. Hij blijkt de imam van de moskee. Na bezichtiging van zijn prachtige restaurant met lage oosterse lounge-banken, Arabische mozaïeken en waterpijpen opent hij de deuren van de kleine moskee. Aldolfo is een trotse nazaat van Spaanse moslims die zich ooit tijdens de komst van de eerste Arabische strijders tot de Islam hebben bekeerd. In de kleine moskee die in oude stijl is gebouwd kan de islamitische bezoeker van de stad de verplichte vijf gebeden per dag opzeggen. Preken zijn in het Spaans. Vandaag de dag wonen er te weinig moslims in het oude centrum om Adolfo uitsluitend als imam door het leven te kunnen laten gaan, vandaar het restaurant.
“Teteria Wuallada” is niet het enige Arabische restaurant. In een andere smalle zijstraat van de Arabische wijk zit “Petra”, een kleiner maar al even knus Arabisch eetcafé. De stem van de Libanese popartiest Elissa galmt tussen de witgepleisterde muren van de oude steeg. In een vitrine staan allerlei soorten baklava. De beschermende hand van Fatima hangt op de deur.

Je moet de weg kennen in deze oude stad. De meeste toeristen bezoeken slechts de Mezquita en de tuinen van het Alcazár en ontvluchten dan snel de hitte. Maar wie zich in de geschiedenis en het culturele heden van deze stad verdiept wil het oude culturele centrum van de wereld niet graag verlaten, al was het maar om z’n voortreffelijke spotgoedkope keuken(s). Kunst is dan ook om te leven zoals de Córdobiaanse Spanjaarden dat doen. En daarbij is eten een onmisbaar onderdeel.

Begin de dag vroeg met een klassiek desayumo – ontbijt – van café con leche en zumo de naranja – koffie met melk en jus d’orange – en een tostada – toast – met ham, paté of traditioneel met olijfolie en tomaat in een van de vele barretjes. Kosten: 3 tot 3,50 euro p/p.

Hierna bezoek je de Mezquíta. Entree is 8 euro per persoon maar tot 10.00 mag je gratis naar binnen. De honderden bogen, prachtige Moorse mozaïeken en oude kerkschatten zijn betoverend en reden voor UNESCO om de oude moskee evenals de rest van de binnenstad van Córdoba op de werelderfgoedlijst te zetten. Reken 1,5-2 uur voor het bezoek aan dit wereldwonder (en trek goede schoenen aan!).

Rond 11.00 is het tijd voor el almuerzo of  koffietijd. Drink Turkse koffie of muntthee met een zoet Arabisch gebakje op de Moorse binnenplaats van “Salon de Thé” op Buen Pastor 13 tevens de weg naar de Joodse wijk. Kosten 1 tot 3 euro p/p.
Bezichtig de kleine synagoge en het museum “Casa de Sefarad”.
Vervolgens is het tijd voor de belangrijkste maaltijd van de dag, de comida of warme middagmaaltijd die ergens in de siësta van 13.00 tot 16.00 genuttigd wordt. Eet deze in de culinaire parel “Casa Mazal” in een voormalig Joods huis op de Caja Tomás Conde 3. Dit restaurant is een fusion van de Joods-Safardische en Spaans-Andalusische keuken en is daarmee enig in z’n soort. In vergelijking met de lokale tapasbars is het eten iets aan de prijs maar daar staat tegenover dat dit waarschijnlijk het beste en zeker meest unieke restaurant van de stad is. Het eten in Casa Mazal staat garant voor absolute smaakexplosies, vooral wat de vegetarische gerechten met aubergine betreft. Laat de ober aanbevelingen doen en de kok een eigen menu samenstellen of kies zelf uw gerechten uit die met verschillende personen kunnen worden gedeeld. Drink goede Ribera del Duero (2010) met huisgemaakt brood en verschillende dips gemaakt van tomaat en azijn, asperge met sesam en knoflook en milde bieten met pijnboompitten. Ook dient men absoluut het traditionele sabbatsbrood of pan con leche di soja y pasas te proberen (alleen te bestellen op vrijdag en zaterdag). Dit is lichtzoet krentenbrood op basis van sojamelk. Bestel vervolgens berenjenas con miel y semillas de amapolia of knapperig gefrituurde aubergine met honing en sesamzaad en la majadra – Syrische salade met rijst, linzen, verse koriander en balsamico azijn. Als tussengerecht kan men verschillende soorten humus – sesampasta met kikkererwten – en falafel bestellen, maar let wel dit smaakt anders dan bij de lokale kebabszaak. Laat de gevulde wijnbladeren staan, die zijn droog en smaakloos. Hierna kan men verschillende vis- en vleesschotels bestellen. Zoals stoofvlees met dadels, abrikozen en kaneel (al is dit vooral lekker op een frisse winterdag), kruidige rijst met gegrilde paprika en kip of kabeljauw met kaneel, limoen en balsamico azijn. Bestel als toetje een grand dessert met flan van kalbassen, huisgemaakte marsepein, dadels met amandelpasta en als absolute topper viooltjesijs. Totale kosten afhankelijk van het aantal gangen tussen de 25 en 50 euro p/p.

Bezoek na het eten de oude werkplaatsen in de buurt waar ambachtslieden onder andere op oude wijze hout snijden en leer bewerken en winkel in de souvenirshops waar vooral prachtige sieraden, lederwaren, kunstig aardewerk en Spaanse waaiers worden verkocht. Wandel door de stad of koel af bij de fonteinen in de tuin van het Alcázar.

Drink daarna een biertje (vanaf 80 cent). Ontvlucht de hitte in een gekoelde taverna of op een van de vele prachtige patio’s met hoge muren die door dikke gekleurde doeken worden afgedekt. Zo ontstaat er een natuurlijk dak dat wel de wind maar niet de zon doorlaat. Bier of copo fino met een pincho daarbij (klein hapje van een stukje stokbrood met daarop een tapas) kosten 1,50 euro. Aanrader zijn de pinchos in de hippe Spaanse tapasbar “La Abacería” op de Calle Deanes vooral met chorizo, Russische aardappelsalade, tonijn en eieren. De witte wijn kan eventueel voor een euro aanbetaling worden vervangen door een uitstekende Rioja. Blijf lekker zitten en bestel nog wat tapas of lokale taart met amandelspijs en bladerdeeg.

Hierna is het tijd voor een verlichte avondwandeling door de tuinen van het Alcazár. Kaartjes verschaffen toegang voor ’s middags en ’s avonds. Sluit de dag in stijl af met een nirgilla of waterpijp in Teteria Wuallada, Petra of een van de andere Arabische cafés waar zachte flamenco, citer- en luidmuziek wordt gespeeld en kleurige mozaïeken de nacht omlijsten.

Tip: verblijf in hostel Alcazár gelegen op de San Basilio 2 vlakbij de oude stadspoort Porto Sevilla en op een minuut lopen van het Alcazár. De familie die dit hostel en verschillende bijbehorende appartement runt is hartelijk en gastvrij. De kamers zijn onberispelijk. Overnachten doe je met z’n tweeën voor 24 euro. Een ruim appartement kost 48 euro (maar als de gewone kamers vol zijn krijg je zonder extra betaling een appartement toegewezen).

Monique Samuel (1989) is auteur en publiciste. Rianna Postma (1986) spreekt Spaans en is kenner van de Spaanse keuken.

Geef een reactie

X