Blog

08 nov / Als een koorddanser

Ik ben Mo. 

Tot voor kort werd ik Monique genoemd.
Monique is niet mijn echte naam. Het is een roepnaam die mijn ouders hebben bedacht omdat mijn daadwerkelijke naam wellicht wat te veel vragen op zou roepen.
Mijn echte naam is Mounira.
Maar ik voel me geen Mounira.
Ik voel me Mounir.
Nu ben ik niet alleen buitenlands. Ik ben ook nog een alien die op het foutieve ruimteschip is gestapt.

Mensen denken dat ik in het verkeerde lijf ben geboren, maar dat is niet zo. Ik heb geluk gehad.
Ik ben in de verkeerde tijd geboren. In de verkeerde wereld ook. Pech heet dat.

Ik voel me geen transgender, maar als ik in de spiegel der gedachten kijk heb ik een baardje. Ik voel me geen man, maar zie wel een jongen met een staartje. Ik houd van vrouwen – ik ben zeg maar een he-woman met een ernstige she-weakness – wil ze beminnen, eren, steunen, dienen, trouwen.

Maar kan er zelf geen zijn. Mag ik wel mijn vagina behouden?

Ik kijk naar vrouwen als een veld met klaprozen. Laat ze vrij bloeien en groeien zonder te plukken of bij te snijden. Zonder ze te ordenen of te schikken. Laat ze zingen in de wind.

In werkelijkheid zijn vrouwen snijbloemen. Worden ze van meisje tot vrouw geteeld, zoals de samenleving dat leuk en mooi vindt. Want boys will be boys, maar girls mogen zichzelf niet wezen. Ze moeten zich lief en zoet gedragen, in onpraktische jurkjes rondfladderen om het volwassen publiek te behagen, of moeten zich gedwongen hullen in dikke lagen, om niet om moeilijkheden te vragen. Slachtoffer van hun eigen schoonheid. Gedraag je dan toch ook meid.

Ik brak door als tietenvoer. Lokkertje voor de kijker. True, ik moest natuurlijk wel wat kunnen zeggen. De situatie in mijn vaderland Egypte een beetje uit kunnen leggen. Maar had ik ook de piepjonge Egyptische-Nederlandse politicoloog Mohammed kunnen zijn? Ik betwijfel het. Wat dat betreft is vrouw zijn soms wel fijn. Je wordt tot op een bepaalde hoogte getolereerd, als je maar binnen de lijntjes loopt, de juiste kaders bewandelt, je haar lang houdt en je netjes kleedt zoals de mannelijke kijker dat begeert.
Wordt er ook echt geluisterd? Of vooral beoordeeld en gekeken? En wat gebeurde er toen ik me over andere zaken ook redelijk wist uit te drukken? Mijn passie heette nu felheid, mijn kennis betweterigheid, mijn zelfvertrouwen arrogantie en mijn snelle tong neurotisch gekakel. Op zo’n moment is vrouw zijn toch echt een obstakel.

Gek werd ik van de notie publiek bezit te zijn. Het lichaam voortdurend belangrijker dan het wezen. Die wereld waarin een vrouw sexy moet zijn, maar niet te sexy – want een slet. Mooi moet zijn, maar niet te mooi – want een bedreiging voor de mannelijke superioriteit aan zet.

Ik hield het niet meer en brak eruit. Weg dat zo geprezen haar. Dag naam en status. Ik schoof bij Jinek aan. Maar binnen een minuut werd daar duidelijk – wat ik al zo lang voelde – als mannelijke vrouw ga je niet over je eigen lichaam. Als vrouwelijke man ga je niet over je eigen wezen. En als je probeert je te ontworstelen aan de hokjesgeest word je keihard op je plek gewezen.

Ons land is verder verdeeld en opgesplitst dan ooit. Er lopen niet een, twee, of drie scheidslijnen… we weten in een totaal raster aan hokjes en vakjes te verdwijnen. Blank met blank en rijk met rijk. Links met links en rechts geeft Wilders heimelijk gelijk. Zwart met zwart en geel met geel. Olijven mag je alleen met feta mengen in de salade. Homo’s zijn een tropische attractie voor de jaarlijkse kanaalparade. De man moet mannelijker met snor en baard. De vrouw moet vrouwelijker met lang haar in een slordige staart.

Ik was al anders, maar nu ben ik klaar voor opname – als ik de reacties mocht geloven. Had nooit verwacht onder zo’n enorme lading te worden bedolven. En toch … eigenlijk viel het te voorspellen. Ik was boven het raster gaan staan.

Ik geloof niet dat iemand me echt begrijpt. Dat hoef ik ook niet, begrip of sterkte. Ik heb geen kanker, ik leef. En voel hoe ik me in een wereld begeef, die steeds meer op barsten staat.

In de Arabische wereld is transgender het antwoord op de nieuwe gay. Bouw hem om, dan is hij weer hetero, dus oke. Mijn liefjes daar haalden opgelucht adem nu ze dit van me wisten. Het lag niet aan hen, het lag aan mij. Ik ben gewoon een man en zij niet lesbisch. Het regende verzoeken: trouw met mij. Het is een andere trieste realiteit. Echt alles is beter dan een afwijkende seksualiteit. Dus in Iran word je als homo gedood. Maar de staat betaalt wel graag je transitie, in geval van hoge nood.

Het was in Egypte dat ik ontdekte echt geen vrouw te kunnen zijn. De gender-rollen zijn daar zo uitgesproken, dat ik geen andere keus had dan als me een halve man te gedragen. Al die brutaliteit en opstandigheid was iets waar ik vroeger veel en hard om werd geslagen. Nu krijg ik een klopje op de schouder. En de opmerking: “Kom, Mounir, wil je bier? Laten we als man tot man praten.” Ik kan het niet laten… op dat moment liever weer een vrouw te willen zijn.

Thailand dan. “Oh handsome man.” “You beautiful and handsom.” “Wanna be my boyfriend.” En allemaal op de foto. Man, vrouw, homo, hetero. Mijn Nederlandse reisgezelschap kijkt verbaasd op. “Wat hebben ze nou, je bent toch gewoon een meisje?” Blijkbaar moet je nog steeds getrouwd zijn eer men je een vrouw wil noemen. En kunnen zij niet begrijpen wat voor de Thai als vanzelfsprekend wordt beschouwd. Een transseksueel achter de kassa, een politieman met make-up op, een lady-boy als manager en een mannelijke vrouw die van vrouwelijke mannen houdt. Ik voel me er als een vis in het water. Geen enkele discussie, roep of vraag, simpelweg honderden complimentjes: je bent zo mooi, we zijn trots op je sistah, vind je het erg als ik m’n haar ook zo draag?

Terug in Tunis: Bonjour garçon. Wat wil je? Een mooi meisje misschien? Knipoog hier en daar. Een extra grote koffie in een simpel handgebaar. Hebben ze het niet door dan? Oh jawel, dat zeker. Maar door me simpelweg niet meer als vrouw te gedragen word ik als vanzelf door de andere sekse opgenomen. Eindeloos veel, ontmoet ik jongens als ik. Met borsten en billen. En de mannen die het maar wat graag willen – een vriend waarmee ze eindelijk vriendin kunnen zijn. Zonder dat iemand wat denkt of zegt. De cultuur allerlei vaste normen oplegt.

Maar ja, wie ben ik dan? Wat ben ik nu, in deze wereld waar een titanengevecht tussen de seksen woedt? Aan welke kant begeef ik mij? Ben ik een volgende mannelijke verrader van het feministische gedachtegoed?

Er zijn zoveel mensen die wat denken, dat ik besloten heb aan geen van hen nog langer aandacht te schenken.

Verwacht geen idee over wat mijn eindpunt is. Ik ken slechts dit simpele begin.

Die ene zin.

Noem mij maar Mo.

Niet man of vrouw, maar mens.

Die naar de wereld kijkt door slechts deze lens.
Liefde voor het zijn. Ja, dat is die breekbare lijn. Waarop ik graag koorddansen mag.

Dit is de tekst van de spoken column van Mounir Samuel in het “The way we look”-programma (Atria) tijdens Museumnacht Amsterdam 2015.

 

3 Comments
  • Mirjam

    Wauw, duidelijke tekst!

    Beantwoorden
  • Marleen

    Niamand begrijpt mij? Die uitdaging wil ik best met je aan gaan!

    Beantwoorden
  • Jet

    Je bent dapper Mo, dat je jouw weg en geworstel zo in de media neerzet. Ik denk dat heel veel mensen hier steun aan hebben.

    Beantwoorden

Geef een reactie

X